Weg met de CO2 waarden

Welk CO2 onderzoek is waar?

Steeds als ik een bericht lees over een wetenschappelijk onderzoek naar CO2, ammoniak of fosfaat, kijk ik altijd eerst even welke partij dit publiceert. Iedere partij wappert namelijk heel hard met het onderzoek die een uitslag heeft die dicht bij hun ideaal past. Wie moet ik nog geloven? Zelf ben ik iemand met een nuchter boerenverstand en ik ben er ook inmiddels wel van overtuigd dat, na alles wat ik over CO2 en de uitstoot daarvan gelezen heb, de waarheid wel ergens in het midden zal liggen.

Op klompen gelijk hebben
Ik denk dan nog wel eens aan de uitspraak van een rechter. Een tuinder had een zaak aangespannen tegen het hoogheemraadschap, omdat hij tienduizenden euro’s schade had in een perceel winterpeen. Hier zat een virus in, wat volgens de tuinder te wijten was aan het beheer en het tijdstip van maaien van de wegbermen. De rechter sprak de tuinder aan met de woorden: “Op klompen hebt u gelijk, maar de wet wil dat u het aantoont.” Zo verloor hij zijn proces, terwijl eigenlijk iedereen wist dat hij gelijk had. Hij kon het alleen niet bewijzen.

Weg met de CO2 waarden
Met mijn eigen eenvoudige boerenverstand, dat is het gelijk dat je volgens deze rechter hebt op je klompen, weet ik ook wel dat het milieu onder druk staat, maar dat dit toch minder ernstig is dan de milieuorganisaties ons willen doen geloven. Ik ben ook wel een beetje klaar met al die geldverslindende onderzoeken, die elkaar regelmatig tegenspreken. En dan maakt het niet uit of het over CO2, ammoniak of fosfaat gaat. Mijn verstand op klompen weet de oplossing wel, maar we zijn te afhankelijk en tegelijkertijd onmachtig. Stop de groei van de wereldbevolking en verminder en beëindig uiteindelijk het gebruik van fossiele brandstoffen. Dan komt alles goed, want natuur herstelt zich zelf uiteindelijk of past zich aan. Dus weg met die CO2 waarden, dat schept alleen maar verwarring. Helaas zijn de belangen wereldwijd groot en divers, dus het zal de nodige tijd kosten.

Weinig boeren
Voor agrarisch Nederland wordt het een hele opgave. Die paar boeren die we nog hebben moeten het tegen hun autorijdende en industriële medelanders opnemen. Dat is geen eerlijke strijd voor de boer, als CO2 zwarte Piet tegen de rest van Nederland. In ons land is de auto tenslotte heilig. Laat die boer maar dokken. Dat is politiek gezien een stuk veiliger.

Waternormen in Nederland

Waternormen en de natuur

Jarenlang hield RIVM de waterkwaliteit van het oppervlaktewater bij voor alle Nederlandse waterschappen. Zij zijn immers verantwoordelijk voor de waterkwaliteit in hun eigen gebied. Enige jaren geleden gingen de waterschappen dit zelf doen, onder het toeziend oog van de Unie van Waterschappen. Hier is blijkbaar ergens iets mis gegaan, want ineens voldeed Nederland niet meer aan de Europese richtlijnen voor oppervlaktewater en werden er hier en daar noodgrepen toegepast, omdat het beheer van bijvoorbeeld natuurgebieden (Overheid en semi-overheid) anders te duur zou worden. Daar is hier en daar creatief mee omgesprongen door onze waterschappen.

De normen voor natuurgebieden als Oostvaardersplassen en Ankeveense Plassen werden flink bijgesteld, om te zorgen dat deze gebieden onder de norm vallen, met als reden: Kosten! Voor de beheerders van de natuurgebieden werd het simpelweg te duur om aan de normen te voldoen. Waterschappen hebben dit probleem opgelost door de normen voor agrarisch beheer, daar waar waterschappen denken het meeste geld te mogen halen, stevig te verzwaren om zo in de totale waterkwaliteit op de juiste norm te krijgen. Zo kan het gebeuren dat voor aan elkaar gelegen wateren de natuurnorm kleiner moet zijn dan 10,21 mg N/l, maar de agrarische norm kleiner moet zijn dan 0,88 mg N/l. Let wel, het gaat hier om aangrenzende wateren die zich vermengen. Daar is voor een boer natuurlijk geen eer aan te behalen.

Als het om ammoniak gaat zijn onze ambtenaren nogal star. Nog steeds wordt er stevig vastgehouden aan rekenmodellen uit de jaren 90 van de vorige eeuw, terwijl er al meerdere malen met metingen is aangetoond dat de steeds weer aangescherpte mestwetgeving geen effect meer heeft op zowel de stikstof- als de fosfaatgetallen in ons oppervlaktewater. Ik proef toch de angst bij de overheid om toe te geven dat verschillende opgelegde verplichtingen aan de landbouwsector blijkbaar niet nodig zijn geweest en dat daar wel eens claims van kunnen komen op het moment dat er daadwerkelijk toegegeven wordt dat die verplichte investeringen onnodig zijn opgelegd. Dat zou om miljarden gaan en daar wil onze regering zich toch liever niet aan branden, heb ik sterk de indruk. Gaat de politiek met de nieuwste cijfers echt aan de slag of wordt het weer een poging om dit in de overvolle doofpot te stoppen?

Uit alles wat ik lees en ook als ik om me heen kijk merk ik dat het best goed gaat met de natuur in Nederland. Water in sloten en vaarten wordt steeds helderder, wat een direct gevolg is voor de visstand. Niet alle vissoorten gedijen namelijk bij helder water. De soortenrijkdom in flora en fauna neemt toe, met als voorbeeld de terugloop van een aantal soorten weidevogels als gevolg van predatie door soorten die weer betere kansen krijgen. Cultuur volgende diersoorten krijgen het moeilijk door de veranderingen in ons milieu en dat is niet zo gek hoor. De natuur kan zich heel goed aanpassen aan veranderingen. We moeten ons realiseren dat we met onze natuur in Nederland werken als hoveniers. We creëren de omgeving die we willen en de natuur past zich daar aan door soorten flora en fauna meer of minder succes te gunnen. Geloof mij maar, een beetje meer of minder stikstof en fosfaat in ons oppervlaktewater is voor de natuur geen probleem die past zich wel aan. We moeten hier slechts waken voor excessen. Niet meer en niet minder. Het gaat uiteindelijk om stoffen die in meer of mindere mate van nature voorkomen.

Op welke partijen je juist niet moet stemmen

De Tweede Kamer verkiezingen komen er aan en alle partijen die hier aan meedoen voeren verhit campagne om zo hun eigen aandeel van het hoge percentage zwevende kiezers zo groot mogelijk te maken. Nederland bestaat uit verschillende stromingen politieke voorkeuren, van uiterst links tot uiterst rechts, en gelukkig mag dit in ons land. Zo vertegenwoordigd iedere partij een deel van de Nederlandse bevolking, en zo moet het ook zijn in de ware democratie die Nederland nastreeft. Ook ik heb mijn voorkeur, dat neemt niet weg dat ik andere stromingen hun plek niet gun in onze democratie. Verschillende invalshoeken houden alle partijen scherp, wat een optimaal resultaat moet geven. Desondanks vind ik wel dat er op enkele partijen niet gestemd moet worden. Partijen die voor 1 doel echt alles willen opofferen.

Als eerste denk ik dat je niet op de PVV moet stemmen. Een partij met een ondemocratisch randje, opgericht met boosheid, egoïstische doelstellingen en daardoor weinig sociaal. In de focus van het sluiten van de grenzen en het verjagen van moslims worden de gevolgen voor het gemak vergeten. Nederland is een handelsland en is gebaat bij open grenzen in Europa en op het moment dat wij uit de EU stappen zal er heel zeker grote economische schade ontstaan. Het PVV programma belooft van alles, maar vergeet de gevolgen te melden. Als Geert Wilders aan de macht komt hebben we straks een land zonder moslims, maar ook een land vol werklozen die het werk dat de Poolse arbeiders hier deden (die mogen immers niet meer binnen) ook niet willen doen. Lekker vooruitzicht.

De tweede partij waarvan ik denk dat ze Nederland in de afgrond storten is de Partij voor de Dieren. Typisch Nederlands dat er een partij kan zijn die de dieren gaat vertegenwoordigen. Ze proberen ook te denken vanuit de dieren. Kan dat dan? Marianne Thieme betoogt dat alle dieren vrij moeten zijn en ze wil van Nederland een volledig vegetarisch land maken, al spreekt ze dat laatste niet uit. De veehouderij moet volledig biologisch worden en er wordt vol ingezet op een brandschoon milieu. Er is al uitgerekend dat haar plannen alleen al voor de agrarische sector 63.000 banen gaat kosten en daarbij komt nog dat we miljarden kwijtraken aan inkomsten door een flinke verlaging van onze export. Als de PvdD het voor het zeggen krijgt wonen we straks in een heel schoon land, dat wel vuile lucht en vuil water uit andere landen binnenkrijgt, maar ook met een heleboel werklozen. En ik hoor het al roepen: “Kijk niet steeds naar de economie, maar naar de leefomgeving!” Dan vraag ik me af wat slechter voor een mens is, langdurig werkloos of iets minder schone lucht en water.

Als laatste denk ik dat je niet moet stemmen op partijen die opgericht zijn uit frustratie en boosheid zoals de anti discriminatie partijen DENK en Artikel 1. Zij voegen echt niets toe aan de maatschappij en meneer Krol van 50plus heeft al helemaal geen idee wat het op lange termijn gaat kosten als de pensioenleeftijd terug gaat naar 65. Nog enkele jaren, voordat de gemiddelde leeftijd bij overlijden 90 jaar is in ons landje. De andere partijen van de lange lijst hebben bijna allemaal een realistischer kijk op de wereld. In mijn ogen de ene partij natuurlijk iets meer dan de ander. We moeten veranderen, maar geef veranderingen ook eens de tijd en natuurlijk kunnen er zaken beter, maar dat is aan de nieuwe regering, om er iets van te maken. Maar wat je ook doet, ga stemmen, maar bij voorkeur niet op 1 van de genoemde partijen in dit artikel, want die staan ver bij elk realisme vandaan.

Boeren onder vuur

De veehouderij onder vuur

Deze week sprak de provincie Brabant de zorg uit, dat er zoveel boeren stopten in hun provincie, 500 Veehouders gaven aan te willen stoppen met hun bedrijf, de inschrijving op de subsidie voor melkveehouders om hun vee af te stoten werd ruim overschreven en het aantal zelfdodingen in de agrarische sector nam de laatste weken een vlucht. Hoe zou het toch komen dat zo ontzettend veel boeren het niet meer zien zitten? Misschien komt het wel doordat veehouders de afgelopen anderhalf jaar een speelbal zijn geworden van de politiek. Globale beslissingen zijn genomen door staatssecretaris Martijn van Dam, maar geen boer die precies weet waar hij aan toe is, een staatssecretaris die zijn tijd wel uitzit tot de verkiezingen en als kers op de taart een verplichting in de maak om koeien verplicht buiten te doen.

150 Volksvertegenwoordigers
In Den Haag zitten 150 volksvertegenwoordigers , waarvan er volgens mij nog geen 10 personen een veehouderij van dichtbij hebben bekeken. Tenminste, dat maak ik op uit de wartaal die regelmatig door deze mensen uitgekraamd wordt. Bewegingen van links, milieu en vegetariërs zijn op oorlogspad tegen een makkelijk slachtoffer. Slechts 3% in Nederland heeft immers een agrarisch bedrijf, dus dat is makkelijk scoren voor deze helden. Boeren worden door deze anti-veehouderij actiegroepen als dierenbeulen en vervuilers afgeschilderd, de onnozele mensenmassa slikt alles voor zoete koek en deze ondernemers (Ja, agrariërs zijn ondernemers die financiële risico’s lopen) zijn de afgelopen decennia verplicht om voor 2 miljard te investeren in ammoniakemissie, bedacht door iemand achter een bureau, maar dat niets heeft opgeleverd, blijkt uit de laatste onafhankelijke metingen.

Besef van de waarde van agrarisch Nederland
Het wordt tijd voor besef. Het besef, welke waarde agrarisch Nederland eigenlijk heeft. De eerder genoemde linkse bewegingen hebben niets met het economische  verhaal, maar vast staat wel dat de agrarische sector 600.000 banen levert in Nederland, 10% van alle exportwaarde van ons land vertegenwoordigd en dat de sector meerdere malen van groot belang is geweest om dit land uit een economische crisis te trekken. Toch geven Marianne Thieme en haar gevolg me het gevoel dat dit totaal onbelangrijk voor hen is. Nee, ze schreeuwen om het hardst over milieuvervuiling en dierenleed, waar geen enkele boer zich in herkent. Boeren is er alles aan gelegen om hun dieren, land en gewassen zo goed mogelijk te verzorgen en zo min mogelijk antibiotica en gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken,  want dat levert hen economisch voordeel op. Daar doen ze het uiteindelijk voor. Voor het gemak wordt er als laatste ook nog aan voorbijgegaan dat agrariërs de goedkoopste landschap beheerders zijn die je maar kunt voorstellen. Ja Nederland, jaag je boeren maar weg. Het enige wat je er op korte  termijn mee bereikt is dat het  gemiddelde boerenbedrijf nog groter wordt en we weer  legbatterij eieren gaan eten, maar nu uit de Oekraïne en vlees met antibiotica uit Zuid Amerika. Het wordt tijd voor respect voor de boeren en het zou mooi zijn, zoals Tom Dekker in zijn beroemde column schreef, als iemand zijn hand eens opstak als hij een boer tegenkomt in zijn trekker. Ze doen er in elk geval alles aan om het voor iedereen zo goed mogelijk te doen en het beste en gezondste voedsel te produceren. In het zo goed mogelijk willen doen, lijken boeren verdomd veel op politici, maar dan alleen met meer gezond boerenverstand.

Foto: Gert van den Bosch