Co Schipper over het nieuwe ministerie van landbouw

Waar de Minister van Landbouw mee aan de slag moet

Agrarisch Nederland heeft wat het wilde: Een Minister van Landbouw met een boerenachtergrond! Carola Schouten (CU) mag de kar trekken voor de boeren en tuinders in ons land. Zeven jaar lang was voor Nederland de staatssecretaris van Economische Zaken verantwoordelijk voor o.a. de landbouw. Een staatssecretaris die landbouw er maar even bij deed en zeker de laatste periode was voor boeren nog wel eens tandenknarsen met Martijn van Dam, die persoonlijk weinig op had met de landbouw.
Nu vind ik het zelf niet zo belangrijk of landbouw nu geleid wordt door een minister of een staatssecretaris, als de persoon in functie zich maar volledig kan richten op die landbouw. Toch blijft het überhaupt vinden van een bewindvoerder voor landbouw een hele klus. Landbouw is in Den Haag (en in de hele westerse wereld) niet chique en eigenlijk heeft geen enkele partij een voorkeur voor Landbouw. Financiën en Buitenlandse Zaken bijvoorbeeld worden als eerste geclaimd en Landbouw blijft als laatste over als in te vullen post.

Carola Schouten
Toch is men er in geslaagd om iemand te vinden die aardig aan de profielschets voldoet. Carola Schouten is als boerendochter onlosmakelijk verbonden met de landbouw. Naast die affiniteit is ze ook nog lid van de ChristenUnie, de partij die het in haar programma het beste voor had met agrarisch Nederland. Minister Schouten krijgt de verantwoording over het reilen en zeilen van een economisch belangrijke sector, waar 600.000 mensen hun baan aan danken, die 10% van de totale exportwaarde vertegenwoordigd en hoogwaardig voedsel levert. Landbouw mag dan niet chique zijn, maar produceert wel ons voedsel, de belangrijkste levensvoorwaarde voor alle mensen en in Nederland doen we dat op de meest efficiënte en milieuvriendelijkste manier in de hele wereld, met een hele sterke innovatie op het gebied van productie en techniek. Landbouw mag dan niet interessant zijn voor veel mensen, maar heeft een opvallend groot belang in de economie, milieu en natuur.

Agrarische belangen
Wat komt er allemaal af op onze nieuwe minister? Derogatie, fosfaatrechten en de sanering van de varkenshouderij zijn de pijnpunten die het zwaarst wegen binnen de sector. Gevoelige zaken, maar ook van groot belang voor de veehouderij. Hier wordt groei of stilstand bepaald voor de alle veehouders. Derogatie moet absoluut binnengehaald worden in Brussel om onze landbouwgronden niet te snel in te laten teren en daarnaast zal het verdelen van fosfaatrechten een helse klus worden. Hier kan de minister het nooit voor iedereen goed doen, door de verscheidenheid van belangen, net zoals het dossier over de warme sanering in de varkenshouderij. Het wordt lastig. Verder zou ze zich in Brussel hard moeten maken voor het handhaven van het glyfosaatgebruik, zolang er geen goed (biologisch) alternatief is. Want zonder glyfosaat zullen de opbrengsten flink dalen en als vanzelfsprekend de prijzen van goed voedsel enorm stijgen.

Milieu
Milieugroeperingen en boeren staan al decennia met de neuzen tegen elkaar. Hier kan de minister heel goed werk doen, door onderling begrip te kweken en te verbinden. Misschien nemen de tegenstanders van de huidige landbouw wel iets aan van een echte minister. Als een minister uitlegt dat boeren er alles aan doen om zo min mogelijk te vervuilen en dat die boeren zo goed mogelijk met hun dieren om gaan, om voedsel te produceren van ongekend hoge kwaliteit. Misschien kan de minister van Landbouw, tijdens een onderonsje, de minister van Infrastructuur en Milieu overtuigen van het feit dat de landbouw minder vervuilend is dan iedereen denkt en wordt gesuggereerd door milieuclubs. Sinds 1980 wonen er 3 miljoen mensen meer in Nederland, hebben we samen 8 miljoen auto’s meer, 300.000 meer vliegbewegingen per jaar op Schiphol, maar wel 700.000 koeien minder in een sector die, als enige sector, zelf de uitgestoten CO2 weer absorbeert door de geteelde gewassen. Feiten die genoeg zeggen over de groei van CO2 uitstoot in verkeer en industrie in verhouding tot de landbouw. Ik hoop van harte dat Carola Schouten hier in slaagt. Succes Carola! Het wordt een flinke klus.

Weg met de CO2 waarden

Welk CO2 onderzoek is waar?

Steeds als ik een bericht lees over een wetenschappelijk onderzoek naar CO2, ammoniak of fosfaat, kijk ik altijd eerst even welke partij dit publiceert. Iedere partij wappert namelijk heel hard met het onderzoek die een uitslag heeft die dicht bij hun ideaal past. Wie moet ik nog geloven? Zelf ben ik iemand met een nuchter boerenverstand en ik ben er ook inmiddels wel van overtuigd dat, na alles wat ik over CO2 en de uitstoot daarvan gelezen heb, de waarheid wel ergens in het midden zal liggen.

Op klompen gelijk hebben
Ik denk dan nog wel eens aan de uitspraak van een rechter. Een tuinder had een zaak aangespannen tegen het hoogheemraadschap, omdat hij tienduizenden euro’s schade had in een perceel winterpeen. Hier zat een virus in, wat volgens de tuinder te wijten was aan het beheer en het tijdstip van maaien van de wegbermen. De rechter sprak de tuinder aan met de woorden: “Op klompen hebt u gelijk, maar de wet wil dat u het aantoont.” Zo verloor hij zijn proces, terwijl eigenlijk iedereen wist dat hij gelijk had. Hij kon het alleen niet bewijzen.

Weg met de CO2 waarden
Met mijn eigen eenvoudige boerenverstand, dat is het gelijk dat je volgens deze rechter hebt op je klompen, weet ik ook wel dat het milieu onder druk staat, maar dat dit toch minder ernstig is dan de milieuorganisaties ons willen doen geloven. Ik ben ook wel een beetje klaar met al die geldverslindende onderzoeken, die elkaar regelmatig tegenspreken. En dan maakt het niet uit of het over CO2, ammoniak of fosfaat gaat. Mijn verstand op klompen weet de oplossing wel, maar we zijn te afhankelijk en tegelijkertijd onmachtig. Stop de groei van de wereldbevolking en verminder en beëindig uiteindelijk het gebruik van fossiele brandstoffen. Dan komt alles goed, want natuur herstelt zich zelf uiteindelijk of past zich aan. Dus weg met die CO2 waarden, dat schept alleen maar verwarring. Helaas zijn de belangen wereldwijd groot en divers, dus het zal de nodige tijd kosten.

Weinig boeren
Voor agrarisch Nederland wordt het een hele opgave. Die paar boeren die we nog hebben moeten het tegen hun autorijdende en industriële medelanders opnemen. Dat is geen eerlijke strijd voor de boer, als CO2 zwarte Piet tegen de rest van Nederland. In ons land is de auto tenslotte heilig. Laat die boer maar dokken. Dat is politiek gezien een stuk veiliger.

Waternormen in Nederland

Waternormen en de natuur

Jarenlang hield RIVM de waterkwaliteit van het oppervlaktewater bij voor alle Nederlandse waterschappen. Zij zijn immers verantwoordelijk voor de waterkwaliteit in hun eigen gebied. Enige jaren geleden gingen de waterschappen dit zelf doen, onder het toeziend oog van de Unie van Waterschappen. Hier is blijkbaar ergens iets mis gegaan, want ineens voldeed Nederland niet meer aan de Europese richtlijnen voor oppervlaktewater en werden er hier en daar noodgrepen toegepast, omdat het beheer van bijvoorbeeld natuurgebieden (Overheid en semi-overheid) anders te duur zou worden. Daar is hier en daar creatief mee omgesprongen door onze waterschappen.

De normen voor natuurgebieden als Oostvaardersplassen en Ankeveense Plassen werden flink bijgesteld, om te zorgen dat deze gebieden onder de norm vallen, met als reden: Kosten! Voor de beheerders van de natuurgebieden werd het simpelweg te duur om aan de normen te voldoen. Waterschappen hebben dit probleem opgelost door de normen voor agrarisch beheer, daar waar waterschappen denken het meeste geld te mogen halen, stevig te verzwaren om zo in de totale waterkwaliteit op de juiste norm te krijgen. Zo kan het gebeuren dat voor aan elkaar gelegen wateren de natuurnorm kleiner moet zijn dan 10,21 mg N/l, maar de agrarische norm kleiner moet zijn dan 0,88 mg N/l. Let wel, het gaat hier om aangrenzende wateren die zich vermengen. Daar is voor een boer natuurlijk geen eer aan te behalen.

Als het om ammoniak gaat zijn onze ambtenaren nogal star. Nog steeds wordt er stevig vastgehouden aan rekenmodellen uit de jaren 90 van de vorige eeuw, terwijl er al meerdere malen met metingen is aangetoond dat de steeds weer aangescherpte mestwetgeving geen effect meer heeft op zowel de stikstof- als de fosfaatgetallen in ons oppervlaktewater. Ik proef toch de angst bij de overheid om toe te geven dat verschillende opgelegde verplichtingen aan de landbouwsector blijkbaar niet nodig zijn geweest en dat daar wel eens claims van kunnen komen op het moment dat er daadwerkelijk toegegeven wordt dat die verplichte investeringen onnodig zijn opgelegd. Dat zou om miljarden gaan en daar wil onze regering zich toch liever niet aan branden, heb ik sterk de indruk. Gaat de politiek met de nieuwste cijfers echt aan de slag of wordt het weer een poging om dit in de overvolle doofpot te stoppen?

Uit alles wat ik lees en ook als ik om me heen kijk merk ik dat het best goed gaat met de natuur in Nederland. Water in sloten en vaarten wordt steeds helderder, wat een direct gevolg is voor de visstand. Niet alle vissoorten gedijen namelijk bij helder water. De soortenrijkdom in flora en fauna neemt toe, met als voorbeeld de terugloop van een aantal soorten weidevogels als gevolg van predatie door soorten die weer betere kansen krijgen. Cultuur volgende diersoorten krijgen het moeilijk door de veranderingen in ons milieu en dat is niet zo gek hoor. De natuur kan zich heel goed aanpassen aan veranderingen. We moeten ons realiseren dat we met onze natuur in Nederland werken als hoveniers. We creëren de omgeving die we willen en de natuur past zich daar aan door soorten flora en fauna meer of minder succes te gunnen. Geloof mij maar, een beetje meer of minder stikstof en fosfaat in ons oppervlaktewater is voor de natuur geen probleem die past zich wel aan. We moeten hier slechts waken voor excessen. Niet meer en niet minder. Het gaat uiteindelijk om stoffen die in meer of mindere mate van nature voorkomen.

Op welke partijen je juist niet moet stemmen

De Tweede Kamer verkiezingen komen er aan en alle partijen die hier aan meedoen voeren verhit campagne om zo hun eigen aandeel van het hoge percentage zwevende kiezers zo groot mogelijk te maken. Nederland bestaat uit verschillende stromingen politieke voorkeuren, van uiterst links tot uiterst rechts, en gelukkig mag dit in ons land. Zo vertegenwoordigd iedere partij een deel van de Nederlandse bevolking, en zo moet het ook zijn in de ware democratie die Nederland nastreeft. Ook ik heb mijn voorkeur, dat neemt niet weg dat ik andere stromingen hun plek niet gun in onze democratie. Verschillende invalshoeken houden alle partijen scherp, wat een optimaal resultaat moet geven. Desondanks vind ik wel dat er op enkele partijen niet gestemd moet worden. Partijen die voor 1 doel echt alles willen opofferen.

Als eerste denk ik dat je niet op de PVV moet stemmen. Een partij met een ondemocratisch randje, opgericht met boosheid, egoïstische doelstellingen en daardoor weinig sociaal. In de focus van het sluiten van de grenzen en het verjagen van moslims worden de gevolgen voor het gemak vergeten. Nederland is een handelsland en is gebaat bij open grenzen in Europa en op het moment dat wij uit de EU stappen zal er heel zeker grote economische schade ontstaan. Het PVV programma belooft van alles, maar vergeet de gevolgen te melden. Als Geert Wilders aan de macht komt hebben we straks een land zonder moslims, maar ook een land vol werklozen die het werk dat de Poolse arbeiders hier deden (die mogen immers niet meer binnen) ook niet willen doen. Lekker vooruitzicht.

De tweede partij waarvan ik denk dat ze Nederland in de afgrond storten is de Partij voor de Dieren. Typisch Nederlands dat er een partij kan zijn die de dieren gaat vertegenwoordigen. Ze proberen ook te denken vanuit de dieren. Kan dat dan? Marianne Thieme betoogt dat alle dieren vrij moeten zijn en ze wil van Nederland een volledig vegetarisch land maken, al spreekt ze dat laatste niet uit. De veehouderij moet volledig biologisch worden en er wordt vol ingezet op een brandschoon milieu. Er is al uitgerekend dat haar plannen alleen al voor de agrarische sector 63.000 banen gaat kosten en daarbij komt nog dat we miljarden kwijtraken aan inkomsten door een flinke verlaging van onze export. Als de PvdD het voor het zeggen krijgt wonen we straks in een heel schoon land, dat wel vuile lucht en vuil water uit andere landen binnenkrijgt, maar ook met een heleboel werklozen. En ik hoor het al roepen: “Kijk niet steeds naar de economie, maar naar de leefomgeving!” Dan vraag ik me af wat slechter voor een mens is, langdurig werkloos of iets minder schone lucht en water.

Als laatste denk ik dat je niet moet stemmen op partijen die opgericht zijn uit frustratie en boosheid zoals de anti discriminatie partijen DENK en Artikel 1. Zij voegen echt niets toe aan de maatschappij en meneer Krol van 50plus heeft al helemaal geen idee wat het op lange termijn gaat kosten als de pensioenleeftijd terug gaat naar 65. Nog enkele jaren, voordat de gemiddelde leeftijd bij overlijden 90 jaar is in ons landje. De andere partijen van de lange lijst hebben bijna allemaal een realistischer kijk op de wereld. In mijn ogen de ene partij natuurlijk iets meer dan de ander. We moeten veranderen, maar geef veranderingen ook eens de tijd en natuurlijk kunnen er zaken beter, maar dat is aan de nieuwe regering, om er iets van te maken. Maar wat je ook doet, ga stemmen, maar bij voorkeur niet op 1 van de genoemde partijen in dit artikel, want die staan ver bij elk realisme vandaan.